De contradicties
Mensen zijn op steeds latere leeftijd fris, creatief, ondernemend, jong van geest.
Mensen worden steeds ouder, en blijven langer gezond.
Mensen blijven dus ook langer actief, met alle voordelen voor henzelf, voor anderen, voor de ‘maatschappij’ van dien.
Oudere werknemers hebben veel kennis en ervaring, zijn betrouwbaar en loyaal.
Mensen worden op steeds jongere leeftijd beschouwd als oud.
Er zijn 45-plus banen, er is 50-plus korting, er zijn 55-plus woningen, reizen, cursussen.
Oudere werknemers zijn duur, langzaam, inflexibel.
De terreur van de leeftijdspolitie is overal aanwezig, in het bijzonder in de vorm van ‘jonge’ politici, ‘jonge’ journalisten, en ander kortzichtig spul.
Talentvolle oudere jongeren worden uitgerangeerd, ze moeten plaatsmaken voor ‘de talentvolle jeugd’ – die eeuwig jong denkt te blijven...
We moeten doorwerken tot ons zevenenzestigste jaar.
Maar er is geen werk...
Veel werkgevers zitten niet te wachten op oudere jongeren als werknemer.
Er is een hoge werkloosheid.
Iemand van boven de 45 is afgeschreven, 'te oud voor de arbeidsmarkt'.
Je bent 55-plus en je wordt niet eens uitgenodigd voor een sollicitatiegesprek.
Als je in de bijstand zit moet je twee jaar langer zinloos solliciteren.
De oudere werknemer blijft zitten waar ie zit en verroert zich niet want er is gevaar en hij weet wel waar: eenmaal op straat is het vrijwel onmogelijk ander werk te vinden.
Het Becel-gevoel: je bent zo jong als je je voelt.
Leeftijd is relatief. De een wordt oud geboren, de ander is nog jeugdig op zijn 85-ste.
En dan, ja dan de jeugd....de oude jeugd.
De jeugd is op steeds jongere leeftijd oud. Op hun twaalfde zijn ze al wijs, op hun dertiende gaan ze tot in de vroege uurtjes uit, op hun veertiende hebben ze een vriendje of vriendinnetje dat mag blijven slapen in hun tweepersoonsbed. Op hun vijftiende komen ze met een alcoholvergiftiging op de Eerste Hulp. Op hun zestiende gaan ze volledig hun eigen gang - met het ouderlijk huis als hun vertrouwde basis en als vertrouwd eet-, was- en slaapadres.
De jeugd stelt het volwassen worden, met alle daarbij behorende verantwoordelijkheden, steeds langer uit.
De jeugd gaat op steeds latere leeftijd op eigen benen staan.
En dit rariteitenkabinet staat erbij en kijkt ernaar. Hoewel, was dat maar waar. Dit kabinet is ziende blind. Ze horen niet, ze zien niet. En zwijgen - helaas - niet.
Zou het kabinet een persoon zijn, dan zou ik het karakter van die persoon als volgt omschrijven: dom, kortzichtig, visieloos, opportunistisch, misplaatst onbescheiden en arrogant, geen gevoel voor verhoudingen, niets lerend van gemaakte fouten, geen inlevingsvermogen, geen oplossend vermogen, geen zelfreinigend vermogen, i.e. geen vermogen tot zelfkritiek of zelfrelativering. En, last but not least, je kunt hem niet betrappen op enig sociaal dan wel historisch besef.
Kort samengevat: een karakterloos, hersenloos persoon die een gevaar vormt voor de samenleving. In één woord samengevat: een psychopaat.
Op dit rariteitenkabinet - dat hopelijk één dezer weken ten val komt - kom ik zeker later nog terug.
Geen opmerkingen:
Een reactie posten